Ontwikkeltijd: gebaseerd op aantal lessen in S3.1.2.

Jan de Vries | 16 april 2020

Bij het inbouwen van de ontwikkeltijd in Foleta is ervoor gekozen om de ontwikkeltijd te baseren op het aantal lessen dat vermeld staat in S3.1.2.
Soms krijgen we daar vragen over. Deze lichten wij voor u toe.

In de cao (art. 8.2) staat dat de school in bepaalde gevallen de maximale lestaak moet verminderen zodat er 50 uur ontwikkeltijd vrijkomt.

 

Overleg met bonden en VO-raad heeft er toe geleid dat deze 50 uur moet toegekend worden aan de docenten op grond van het aantal lessen dat de docent geeft.

 

In Foleta wordt het aantal lessen dat de docent geeft, bijgehouden in S3.1.2 en S3.1.3.
Het aantal uren ontwikkeltijd dat op de taakbrief bijgeschreven wordt, wordt gebaseerd op het aantal lessen in S3.1.2.

 

Dit is gedaan omdat de lessen eerst in S3.1.2 worden toegekend en daarna pas in S3.1.3.
Zouden de uren ontwikkeltijd gebaseerd worden op S3.1.3 dan zou dat betekenen dat als de jaartaak van de docent sluitend gemaakt zou worden op grond van de taken in S31.1. en de lessen in S3.1.2, er bij het toekennen van lessen in S3.1.3. ineens maximaal 50 uur op de jaartaak bij zou komen waardoor er een negatief saldo ontstaat.

 

Deze keuze betekent ook dat bij een vervanging (die geadministreerd wordt in S3.1.3) er geen extra uren ontwikkeltijd bijgeschreven worden bij de vervanger en dat er bij de afwezige ook geen uren in mindering gebracht worden.
Wil de school dit wel dan zal er een aparte taak aangemaakt moeten worden (corr. ontw.tijd: Correctie ontwikkeltijd) waarin handmatig de bijstelling gedaan moet worden.




;